Alcoholische dranken en verdovende middelen zijn schadelijke middelen die totaal tegenstrijdig zijn met de menselijke natuur. De wezenlijke staat van de mens is dat hij nuchter en alert is. 

Het is onacceptabel dat men de controle over zichzelf verliest en suf en lui wordt. 

Het verliezen van nuchterheid resulteert over het algemeen in afdwaling van het pad der waarheid. Dit is onvermijdelijk voor degenen die het gebruik van verdovende middelen als iets gewoons beschouwen.

Alcohol vormt een groot kwaad voor zowel het individu als voor de maatschappij. Alcohol schaadt de mentale capaciteiten en kan een oorzaak vormen voor verschillende soorten ziektes. Alle zaken met betrekking tot deze wereld en het hiernamaals kunnen alleen via het verstand verwezenlijkt worden. 

Wanneer de mentale capaciteiten verloren raken, maakt de mens ongelofelijke fouten. Net zoals benzinedie met slechts een klein vonkje vlam vat, wordt zo makkelijk het kwade aangewakkerd in het verstand en in het hart van iemand die verslaafd is aan alcohol.

Met alcohol creëert de duivel haat en vijandigheid tussen mensen en zet hij hen tegen elkaar op. Het meest gevaarlijke aspect is het gestimuleerd worden om te engageren in immoreel gedrag. 

Er zijn genoeg gevallen bekend in de wereld waarbij mensen hun geliefden bedriegen, er ongewilde zwangerschappen ontstaan en mensen (zelf)moord plegen.

Hiernaast is het belangrijk om te vermelden dat een verspreid alcoholcultuur schadelijk is voor de maatschappij op lange termijn. Want al deze voornoemde gevolgen leiden immers tot het uiteenvallen van gezinnen wat op zijn beurt een nadelig psychologisch invloed heeft op de volgende generaties. 

Eerder is er vermelding gemaakt dat de mensen met taqwa (Godsvrees en bewustzijn van God) het meest geliefd zijn door Allah. 

Bovengenoemde zaken voorkomen dat mensen Allah gedenken, het gebed verrichten en andere vormen van aanbidding uitvoeren. Het koppelt hen los van zowel deze wereld als van het Hiernamaals. 

“O jullie die geloven, de alcoholhoudende dranken, het gokken, de afgodsbeelden en de pijlen zijn slechts onreinheden behorende tot het werk van de satan. Dus vermijd deze, opdat jullie succesvol zullen zijn. De satan wil slechts vijandschap en haat tussen jullie veroorzaken door middel van de alcoholhoudende dranken en het gokken, en jullie afhouden van het gedenken van Allah en van het gebed. Zullen jullie er dan niet mee ophouden?”1

De Boodschapper van Allah zei:

“Drink nooit alcoholische drank, want het is de moeder van alle kwaad."2

“Indien een grote hoeveelheid van iets dronken maakt, dan is ook een kleine hoeveelheid daarvan verboden."3

Om deze redenen zou niemand zich moeten laten bedriegen door degenen die zeggen: “Drinken is niet erg, zolang je maar stopt voordat je dronken wordt.” De maatstaf is duidelijk: als van een middel het vele je dronken maakt, dan is het weinige ervan ook verboden. Deze denkwijze is voornamelijk aanwezig in de westerse wereld maar velen zijn onwetend van het feit dat zelfs de Bijbel de consumptie van alcohol verbiedt:

“De wijn is een spotter, de sterke drank is woelachtig; al wie daarin dwaalt, zal niet wijs zijn.” (Spreuken, 20/1)

“En wordt niet dronken in wijn, waarin overdaad is, maar wordt vervuld met den Geest.” (Efeziërs, 5/18).

Door de wegen die naar zonden leiden te blokkeren, streeft de islam ernaar om het kwade op de beste manier te doen vermijden. De religie negeert theoretische oplossingen die in de praktijk niet werken. Het islamitische geloof stelt met wijsheid verboden vast. 

Deze situatie laat zien hoe zeer de islam de mens waardeert en hem met oneindig mededogen en barmhartigheid omhelst. Waarom zou een mens restricties geven aan degene waarvan hij of zij van houdt tenzij het uit bescherming is die voortvloeit uit zijn of haar liefde voor die persoon? 

Net zoals een vader of een moeder nooit zou willen dat iets slechts overkomt aan hun kinderen en daarvoor de nodige maatregelen zou nemen, wil Allah uit Zijn liefde voor de mens, ons met Zijn regelgeving beschermen van kwaadheid en immoraliteit en zo kan men dit niet als een straf zonder wijsheid beschouwen. 


 

 

Bronnen, noten en referenties

  1. De Heilige Koran, Al-Ma-idah (De Tafel) 5/90-91.
  2. Hadith, Sunan Ibn Majah, Ashriba 1.
  3. Hadith, Sunan Abu Davud, Ashriba 5/3861; Hadith, Sunan al-Tirmizi, Ashriba 3/1865.