Buiten de Koran zijn er geen enkele van de tegenwoordig bestaande heilige geschriften die zich in hun originele staat bevinden. In de loop van de tijd zijn veel originele bladzijden verloren gegaan en werden later opnieuw door de mensen opgeschreven. Dit heeft ertoe geleid dat er bijgeloof in verzeild is geraakt. 

Het is bijvoorbeeld geweten dat de joden er niet in geslaagd zijn om de Thora te bewaren. Na profeet Mozes hebben ze lange jaren in gevangenschap en ballingschap geleefd. Ze hebben een periode hun geloof verloochend en aan afgoderij gedaan. De huidige Thora werd vele jaren na Mozes door enkele geestelijken herschreven en aanvaard als een nieuw heilig geschrift alsof het de eigenlijke Thora was. 

Het spreekt voor zich dat een geschrift dat ontstaan is na zo een lange en turbulente periode niet hetzelfde kan zijn als de Thora die aan Mozes werd geopenbaard. Dit verklaart ook de kwaadsprekerijen die erin voorkomen en niet passen bij een profeet; de Thora bevat bepalingen die afbreuk doen aan het monotheïstische ideeëngoed. Het heilige boek Zabur (de Psalmen van David) die aan profeet David was geopenbaard, heeft hetzelfde lot ondergaan als de Thora.

Wat betreft de Indjil (de Bijbel), profeet İsa (Jezus) had de openbaringen die naar hem gezonden waren niet laten opschrijven. Hij was op 30 jarige leeftijd profeet geworden en dat eindigde toen hij  33 jaar was. In die korte tijd heeft hij geijverd om het volk te leiden door zich van dorp tot dorp en van stad tot stad te begeven. Het laatste deel van die periode werd hij voortdurend vervolgd door Romeinse heersers als gevolg van joodse opstokerij. Hij kon noch de tijd noch de kans vinden om de Bijbel (Het Nieuwe Testament) te laten opschrijven. 

Hedendaags worden de huidige Evangeliën vernoemd naar de veronderstelde auteurs: Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes. Het Nieuwe Testament heeft de gedaante van een boek dat de toespraken van Jezus aan zijn apostelen bevat en bevat tevens delen van zijn lessen, leiding en leven. Wat vaststaat is dat de Bijbel niet bestaat uit teksten die door de apostelen van Jezus die de eerste gelovigen waren maar het is via mondelinge overlevering door tijdsgenoten van de apostelen bijgehouden.

De vertellingen verschillen sterk tussen de bestaande EvangeliënDeze versies van de Bijbel werden in het jaar 325 verzameld en goedgekeurd door een concilie van duizenden bisschoppen in Iznik (eerste concilie van Nicea1. Dit comité heeft honderden Bijbels onderzocht, waarna een consensus van 318 leden vier versies geselecteerd hebben. Deze vier versies beschouwden Christus als een godheid; Jezus is van dezelfde substantie als de Vader en dus ook waarlijk God. De afwijkende versies werden verbrand. 

Zoals we zien, een concilie heeft dus jaren na Jezus beslist dat een geloofsbelijdenis aangenomen moest worden waarin Christus de Zoon van God is. Sommige Christelijke kerken hebben deze beslissing niet aanvaard. Samenvattend is in dit opzicht het niet mogelijk om te stellen dat de huidige Bijbel, bestaande uit het Nieuwe Testament (de vier Evangeliën) en het Oude Testament, gelijk gesteld kan worden met de eigenlijke openbaringen van God aan Jezus. 

Door deze situatie was het onvermijdelijk dat Allah Zijn laatste profeet en aan hem Zijn laatste boek zou neerzenden. Om de mensen te beschermen van bijgeloof en misvattingen heeft Allah de Koran gezonden. De mens zou met een verkeerde geloof leven en vergaan indien Allah de Koran niet had gezonden. De barmhartigheid en gerechtigheid van Allah zou dit niet toelaten. 

De Koran is in bescherming genomen zodat mensen het niet zouden veranderen zoals ze dat met de anderen heilige boeken hebben gedaan. Deze vers wijst op de bescherming van de Koran:

"Voorwaar, wij hebben deze Koran verzonden en wij zijn degenen die het gaan beschermen, bewaren en laten voortleven."2

Waarom heeft Allah de Koran onder bescherming genomen en niet de andere heilige boeken? Mohammed (vrede zij met Hem) is de laatste profeet van Allah. Dat Mohammed (vrede zij met Hem) de laatste profeet is wordt in de volgende vers openlijk vermeld:

“Mohammed is geen vader voor geen enkele man onder jullie, maar hij is de profeet van Allah en de laatste der profeten. Allah weet alles op rechtmatige wijze.”3

Aangezien Allah geen andere profeet meer gaat sturen moest de Koran onveranderd blijven, daarom staat het in bescherming van Allah. Hij liet het toe dat de boeken die naar de andere profeten waren gezonden, werden gewijzigd omdat zij niet de laatste heilige boeken waren. Sommige profeten zijn gedood door de volkeren waar ze naar toe werden gezonden, maar profeten zoals Mozes, Abraham en Mohammed (vrede zij met Hem) werden beschermd. Mogelijk geldt hetzelfde voor de boeken. Allah heeft met Zijn wil de verandering van de Koran verhinderd. Allah vermeldt dat de Koran vanwege deze redenen onder bescherming staat.

 


 

 

Bronnen, noten en referenties

  1. In 325 te Nicea werd deze verzameling en goedkeuring van de Bijbel geaccepteerd door de meerderheid, terwijl een ander deel van die bijeenkomst hier niet mee eens was.
  2. De Heilige Koran, Al-Hijr (Het Rotsachtige Pad) 15/9.
  3. De Heilige Koran, Ahzab (De Partijen) 33/40.