Toen profeet Mohammed veertig jaar was, begonnen de tekenen van zijn profeetschap te verschijnen en aan de levenshorizon te gloren. Tijdens de vastenmaand Ramadan, in de grot Hira, werd hij geëerd met het profeetschap via de aartsengel Gabriël. Het licht van de openbaring viel op hem met enkele verzen uit de Edele Koran. ‘’Iqra’’ (lees), was het woord dat hij hoorde. De aartsengel Gabriël, die ook openbaringen bracht naar Musa (Mozes), was nu aangesteld om de eerste openbaring te brengen naar de profeet Mohammed. 

Echter kon Mohammed  niet lezen en schrijven net als vele mensen in die tijd; wat niets wegneemt van de intelligentie van een persoon. Hij reageerde met: “Ik ben niet iemand die kan lezen.” Vervolgens pakte de engel hem vast en oefende een enorme druk op hem uit tot het moment dat de profeet geen energie meer over had om zich te verzetten. En op dat moment liet de engel los. Vervolgens zei hij weer: “Iqra!”En de profeet zei weer: “Ik ben niet iemand die kan lezen.”

Vervolgens pakte hij hem weer vast en oefende een enorme druk op hem uit tot het moment dat hij geen energie meer overhad om zich te kunnen verzetten en liet hij de profeet weer los.

Toen zei de engel weer: “Iqra!” En profeet Mohammed reageerde weer met de woorden: “Ik ben niet iemand die kan lezen.” Toen pakte de engel hem voor de derde keer vast, oefende weer een enorme druk op hem uit tot de profeet al zijn energie verloor. Hij liet hem weer los en zei: 

“Lees! In naam van jouw Heer, Die heeft geschapen. Hij heeft de mens geschapen van een bloedklomp. Lees! En jouw Heer is de Meest Edele. Degene Die onderwezen heeft met de pen. Hij heeft de mens onderwezen wat hij niet wist.”1

Onder de indruk van de betekenis van wat er aan hem werd geopenbaard, vond profeet Mohammed steun bij zijn vrouw. Na enige tijd begon hij met het verspreiden van de boodschap van islam. De profeet Mohammed had de bijnaam ‘el-emin’ (de betrouwbare), maar werd desondanks tijdens het verkondigen van de goddelijke boodschap buitengesloten, gepest en bespot. Ondanks deze behandelingen door zijn volk zou hij bidden voor hun vergiffenis. Met de tijd, door de inhoud van het boodschap, zijn gedrag en zijn waarden en normen begon hij langzaamaan meer en meer volgelingen aan te trekken. Op deze manier ontstond de islam. 


 

 

Bronnen, noten en referenties

  1. De Heilige Koran, Al-Alaq (De Bloedklonter) 96/1-5.