De islam beschermt zowel de gelovigen als niet-gelovigen zolang geen enkel van hen de wetten naleeft en geen schade berokkent aan anderen. Echter de sleutel tot het paradijs is de geloofsbetuiging. Iemands positie in het paradijs is gebaseerd op de mate dat men zich houdt aan de geboden en verboden. In dit opzicht kan iemand zonder de geloofsbetuiging het paradijs niet betreden. 

“In de ogen van Allah is godsdienst zonder twijfel islam.” 1

“Wie een andere godsdienst zoekt dan de islam zal in die godsdienst geen aanvaarding vinden en tot de verliezers behoren in het hiernamaals. 2

In de godsdienst is er eerst sprake van de geloofsbelijdenis en dan de aanbidding. In dit opzicht strookt in de andere godsdiensten de opvatting over de éénheid van Allah, het bestaan van de engelen, de heilige geschriften, het geloof in de profeten, het hiernamaals en het lot niet met de werkelijkheid. 

Een ander belangrijk punt in het geloof is dat de waarheden van de geloofsbetuiging een geheel vormen. Bijvoorbeeld iemand die gelooft in Allah maar niet in het hiernamaals, kan geen moslim genoemd worden. Er kan geen onderscheid gemaakt worden tussen ‘gelovig wat betreft het bestaan van Allah’ en ‘ongelovig voor wat betreft het hiernamaals.’ Iemand die in Allah gelooft, zal ook geloven in Zijn boek, in Zijn profeten, in Zijn engelen enzovoort. 

Dus het is onmogelijk om het geloof in Allah en de Koran los van elkaar te beschouwen. Degene die gelooft in de Koran en de profeten zal ook geloven in de waarheden die de Koran verkondigt en de profeet aanleert en zal opgaan in de aanbidding. 

Degenen die alleen door in Allah te geloven bevrijding zullen vinden, zijn mensen die in de interregnum (de periode tussen Jezus en profeet Mohammed) geleefd hebben. Zij zijn niet op de hoogte van de godsdienst of de profeet. Zij hebben geen kennis gekregen van de openbaringen en zij weten niet wat aanbidding is. Degenen die niet zijn ingelicht of op de hoogte zijn gebracht over de islam en de Koran, worden niet verantwoordelijk gesteld. De andere gemeenschappen dienen te geloven in het laatste heilige boek van Allah, de laatste profeet en de laatste godsdienst van Allah om het paradijs te kunnen betreden.


 


 

 

Bronnen, noten en referenties

  1. De Heilige Koran, Ali Imran (Imrans mensen) 3/19.
  2. De Heilige Koran, Ali Imran (Imrans mensen) 3/85.