Allah de Verhevene test zijn schepsels met rijkdom en armoede, met ziekte en letsels, met noodlot en ongevallen. Dit alles dient om de vrome van de afvallige te onderscheiden. Want wie deze proeven doorstaat wordt beloond met het paradijs. 

In de heilige Koran zegt Allah hierover: 

“Wij zullen jullie op de proef stellen met iets van vrees,

honger en tekort aan bezittingen, levens en vruchten,

maar verkondig het goede nieuws aan hen die geduldig volharden, die, als onheil hen treft, zeggen: "Wij behoren aan Allah toe en tot Hem zullen wij terugkeren.” Zij zijn het met wie hun Heer mededogen heeft en erbarmen; zij zijn het die het goede pad volgen.”1

“Wie moeilijkheden trotseert, zal zonder twijfel hiervoor beloond worden.”2

Een ziekte is een goddelijke waarschuwing voor de gelovigen en degenen die leven volgens zijn/haar geloof. De beloning staat in verhouding tot de ellende van de ziekte. 

Ofwel worden hierdoor zijn vorige zonden vergeven, ofwel wordt de gelovige beschermd voor komende noodlottige gevallen. 

“Voorwaar, wij stellen jullie op de proef met angst en honger, en ook door jullie bezittingen, levens en eigendommen te verminderen. Verkondig de blijde boodschap aan degenen die geduld oefenen.3” 

Zoals deze vers aangeeft zijn ziektes, honger en hongersnood, angst, armoede, sterfgevallen, handicappen, ongevallen en noodlot bedoeld om de mensen voor te bereiden op het paradijs. 

Dit soort tegenslagen kunnen leiden tot de vergiffenis van mensen en vrijstelling van de hel. Iemand die niet afvallig wordt naarmate zijn ziekte verergert of meer tegenslag kent, en die trouw en geduldig verder bidt wordt een geliefd schepsel van Allah. 

Hij wordt beloond met het paradijs waar hij eeuwig kan vertoeven. De ellende die hij meemaakt betekent niets in vergelijking tot de hel waar hij aan ontsnapt en het paradijs dat hij verdient. Onze profeet kondigde ook aan dat ziekte en tegenslag eigenlijk een blijde boodschap inhoudt volgens de hadith (overleveringen van de profeet) hieronder: 

“Wanneer een moslim gekweld wordt door een of ander tegenslag, verdriet, probleem of moeilijkheid of wanneer hij zelfs geprikt wordt door een doorn, zal Allah zeker en vast hierdoor zijn zonden vergeven.”4

Over blinden kondigde onze profeet een blijde boodschap aan: 

“Allah zegt: “Als mijn schepsel geduld toont wanneer ik hem op de proef stel met twee blinde ogen, schenk ik hem het paradijs in ruil voor zijn ogen.”5

Door allerlei ziekten, tegenslagen, noodlot en problemen beseffen we dat we zeer zwak, arm en broos zijn. We geven dan onze ijdelheid en trots op en plaatsen medeleven en rechtvaardigheid centraal in ons leven. 

Daarnaast betekent islam overgave, het gehoorzamen aan Allah.

“Het is mogelijk dat iets dat je niet aanstaat voor jouw bestwil is, en het is mogelijk dat iets dat je liefhebt in je nadeel is. Dit kun je niet weten, Allah weet dat.”6

Zoals deze vers stelt, moet de gelovige beseffen dat Allah alles weet en wij kunnen niet weten. Hij is degene met eeuwige wijsheid, die niets doet zonder reden. Hij heeft eeuwige barmhartigheid en mededogen. Hij schept niets ten nadele van Zijn schepsels. Op deze manier geeft de mens zich over aan Allah en in deze overgave zit zaligheid. 

Als schepsel is het onze taak om te zeggen: “We hebben gehoord en gehoorzaamd.” Wij kunnen nooit de wijsheid en barmhartigheid van Allah bekritiseren, we kunnen alleen proberen Zijn wijsheid en barmhartigheid te begrijpen. 

We moeten goed beseffen dat wij als mensen niet op aarde zijn om de hemel op aarde te beleven maar wel om het paradijs te verdienen. Ons leven op aarde is om te werken, aanbidden en dienen terwijl het paradijs bedoeld is als eeuwige rustplaats en beloning. 

Elke moslim weet dat Allah alles met een reden heeft geschapen, dit geldt ook voor allerlei ziekten en kwaaltjes. Een moslim wordt geacht om in de eerste plaats geduld te tonen voor wat hem overkomt en een oplossing te zoeken voor zijn ziekte. 

“Allah heeft zowel de ziekte als de remedie verzonden. En voor elk ziekte heeft Hij een remedie geschapen. Laat je dan behandelen. Maar laat je niet behandelen met middelen die haram zijn."7

De heilige profeet heeft verkondigd dat er voor elke ziekte een remedie bestaat die rechtmatig en halal is. Men mag voor geen enkele aandoening zeggen dat er niets tegen bestaat. Het is mogelijk dat de mensheid nog geen medicijn gevonden heeft of een behandeling ontwikkeld heeft. Volgens de islam is dit echter geen onveranderlijke lot. Het belangrijkste is dat men blijft zoeken naar een behandeling. Voor elke ziekte zal ooit een passend medicijn gevonden worden.

In de vijftiende geneeswijze uit het boek 'Zegeningen voor de zieken' van Bediüzzaman Said Nursi worden de wijsheden van ziektes als volgt uitgelegd:

O zuchtende, jammerende patiënt! Kijk niet naar de externe verschijnselen van jouw ziekte om vervolgens ach en wee te klagen, maar kijk naar haar betekenis en zeg ''oh!'' (Zucht uit vreugde, sympathie, bewondering en/of ontspanning). Als jouw ziekte geen mooie betekenis had, zou de Genadevolle Schepper Zijn meest geliefde dienaren geen ziekte geven.

In een authentieke overlevering is gezegd:

“Onder de mensen zijn het de profeten die de zwaarste beproevingen ondergaan, daarna komen de heiligen en dan volgen diegenen die op hen gelijken.”8

Dit wil zeggen dat de mensen die in hun leven door de grootste rampen worden overvallen en de zwaarste problemen moeten doorstaan een hogere graad van perfectie bij Allah hebben bereikt. 

Om te beginnen de profeet Job (oftewel Ayyoub, het nageslacht van Abraham), alle andere profeten, de vromen en de oprechte dienaren van Allah; allen hebben zij de ziekten waaraan zij leden beschouwd als een vorm van zuivere aanbidding. Zij hebben deze gezien als geschenken van de Barmhartige, die zij met geduld en dankbaarheid hebben gedragen en hebben ondergaan als een door de Genadevolle Schepper Zelf uitgevoerde operatie.

“O jammerende, zuchtende patiënt! Indien je aan deze verlichte karavaan (groep handelsreizigers) wil deelnemen, zeg dan standvastig dank. Als je klaagt, zullen ze je niet in die karavaan opnemen. 

Dan val je in de kuilen van de achteloze en zal je een weg vol duisternissen tegemoet gaan.”9

Daarnaast is er een categorie van ziekten (met de dood als gevolg), die gelijk staan aan de geestelijke waarde van martelaarschap. Degenen die sterven vanwege ziektes, die bijvoorbeeld gerelateerd zijn aan bevalling of aan buikpijn of zij die sterven vanwege verdrinking, brand of een epidemie, bereiken het geestelijke niveau van martelaarschap. 

Zo zijn er buitengewoon gezegende ziektes die de overledene na zijn sterven de graad van vroomheid verlenen. Bovendien vermindert ziekte ook de band met en de liefde voor de wereld en vergemakkelijkt bovendien het afscheid van deze wereld dat de wereldgerichte mens zo zwaar valt, soms is men zelfs blij afscheid te kunnen nemen.

Rechtvaardigheid beter begrijpen 

Allah is de eigenaar van alles. Hij doet zoals het Hem belieft. Niemand kan Hem beïnvloeden, Hij heerst in het hiernamaals.

Allah is de eigenaar van ons lichaam en van het hele universum. Wij mensen hebben zelfs geen controle over één van de honderd triljoen atomen in ons lichaam. Wij kunnen als machteloze mensen niet in opstand komen tegen Allah, die over alles heerst. We hebben ook niet het recht om te klagen. We hebben ons lichaam nergens gevonden, gekocht noch gewonnen. We maken er geen enkele aanspraak op. Alles is een goddelijk geschenk dat wij gekregen hebben zonder dat we er recht op hadden, zoals ons lichaam samen met ons verstand.

Voor alles wat wij gekregen hebben, hebben we niets terug gegeven aan Allah zodat we aanspraak zouden kunnen maken op iets. Als dat wel het geval zou zijn, konden we misschien het recht hebben om in opspraak te komen: "Geef niet één maar twee ogen, geef niet één maar twee handen!" "Waarom heb je me één voet gegeven en niet twee voeten?" 

Wij bestonden niet en Hij heeft ons geschapen tussen steen, struik of dier als het meest superieure schepsel, namelijk een mens. We genieten van talloze zegeneningen zoals dit. We zouden eeuwig dankbaar moeten zijn om deze zegen te mogen krijgen. Het zou verkeerd zijn om ondankbaar te vragen: “Waarom heb je dit zo gedaan?” en zo Zijn barmhartigheid en mededogen ter sprake te stellen. In dit opzicht, zouden we in plaats van te klagen dankbaar moeten zijn voor ziekten en noodlot die ons wakker schudden uit ons achteloosheid om ons zo te behoeden voor de hel in het hiernamaals en het eeuwige leven. 


 

 

Bronnen, noten en referenties

  1. De Heilige Koran, Al-Baqarah (De Koe)  2/155-157.
  2. De Heilige Koran, Az-Zumar (De Drommen) 39/10.
  3. De Heilige Koran, Al-Baqarah (De Koe) 2/155.
  4. Hadith, Sahih Bukharî, Marda 1; Muslim, Bir 52.
  5. Hadith, Buhârî, Merdâ 7; Tirmizî, Zühd 58.
  6. De Heilige Koran, Baqarah (De Koe) 2/216.
  7. Hadith, Ebu Dâvud, Tıbb 11, (3874).
  8. Hadith, al-Hakim, al-Mustadrak 3/343; al-Bukhari, Marda 3; al-Tirmizi, Zuhd 57.
  9. Bediuzzaman Said Nursi, Risale-i Nur, Hastalar Risalesi (Zegeningen Voor De Zieken).